Blog

Hoe groot durf jij te zijn?

In mijn vorige blog schreef ik over richting hebben om richting te geven. Nu valt mij vaak op dat veel mensen bescheiden zijn. Ik kom in ieder geval veel bescheiden mensen tegen. Mensen die ik vind opvallen als manager, begeleider, docent of mens. Zelf vinden ze wat zij doen heel normaal.

Ik vond dat zelf ook ingewikkeld. Ik ben een grote vrouw en had inmiddels behoorlijk wat kennis, kunde en vaardigheid in mijn vakgebied opgedaan. Maar om nu van de daken te schreeuwen dat ik een van de betere teamcoaches ben? Dat ging mij toch wat te ver. Waarom? Omdat ik mensen kende die beter waren dan ik. Omdat ik vond dat ik heus nog wel wat te leren heb. Omdat ik gerust wel eens steken laat vallen. Omdat ik ooit hebt gehoord dat normaal doen heel gewoon is. Omdat bescheidenheid de mens siert. Omdat uitslovers maar raar zijn. En meer van dat soort uitspraken. Dat maakte dat ik niet vol kon gaan staan voor de coach die ik inmiddels ben.

Ik ontdekte ook dat wanneer ik niet vol voor mezelf ging staan, ik niet kan verwachten dat mensen me serieus nemen. Nu ja, niet de mensen waarvan ik dat graag wil, of de organisaties waarvan ik dat graag wil. Ik kreeg in de gaten dat wanneer ik vol voor mezelf ga staan de kans groter werd dat mensen mij als coach aantrekkelijk vonden. Je moet het immers eerst zelf geloven voordat anderen jou kunnen geloven.

Om richting te geven moet je eerst richting hebben!

Wat mij de afgelopen weken opvalt is dat mensen weinig richting in hun werk en soms zelfs leven hebben. Mensen doen iets, dat vinden ze leuk of daar blijken ze goed in te zijn. Daardoor komen ze een stap verder. Ze krijgen een coördinerende of leidinggevende rol. Dan beginnen de eerste scheurtjes te ontstaan. Ze doen immers niet meer wat ze leuk vinden of waar ze goed in zijn. En ze hebben vaak niet nagedacht hoe het eruit ziet als ze het goed doen.

 Mensen weten vaak wel hoe het eruit ziet als het niet lekker loopt. Wanneer ik ze vraag hoe het eruit ziet als ze het helemaal perfect doen hebben ze geen beeld. Ik denk dat het hebben van een beeld helpt. Waarom het helpt?

Van welke ballast wil jij je ontdoen?

Tijdens onze vakantie, in een tent, met minimale spullen werd me weer eens duidelijk hoe weinig ik nodig heb om comfortabel te leven. Terug van vakantie zijn we eens door ons huis gegaan. Spullen die wij niet of bijna niet gebruiken hebben we weg gedaan.

En man oh man wat bleken dat veel spullen te zijn. Meer dan ik van tevoren had kunnen bedenken. Nu hebben wij een ruim huis met veel opbergmogelijkheden, dus ja je slaat wel eens wat op. Maar elke keer als je dan die kast of schuur open doet kijk je tegen die spullen aan. En nu? Nu is het opgeruimd, fris. En ik vind het heerlijk. Dat zou je niet alleen met spullen moeten doen.

Managen van een overgang

Elke verandering is afscheid nemen.

De afgelopen tijd heb ik veel afscheid moeten nemen. Afscheid van mooie mensen, afscheid van de basisschooltijd van mijn oudste zoon, afscheid van de kleuterschooltijd van mijn jongste zoon, afscheid van mijn collega's.

Ik weet niet hoe het met jullie is maar bij mij doet afscheid nemen altijd een beetje pijn. Ook al kan me verheugen op wat komen gaat. Het feit dat wat geweest is nooit meer terugkomt vind ik verdrietig. Terwijl ik echt niet altijd blij was met de situaties waar ik afscheid van nam. Ik heb me toch gehecht aan de mensen, de gewoontes. Ze zijn een stukje van mezelf geworden. Dat stukje stopt nu te bestaan. Dat vind ik lastig. Ik kan nu eenmaal niet zomaar stukjes van mezelf opgeven.Dus realiseer ik me eens te meer wat dat is afscheid nemen.

Afscheid nemen is een overgang, een verandering, een moment om bij stil te staan.

Mij helpt het om overgangen te markeren, te vieren, bij stil te staan, ruimte voor te maken. Op welke manier? Dat is voor mij per overgang verschillend. De ene keer huil ik tranen met tuiten, de andere keer leg ik alles vast in foto's, op weer een ander moment vier ik het uitbundig. Wat ik altijd probeer te doen is er ruimte voor te nemen. Waarom? Omdat ik het anders later een keer op mijn bordje geslingerd krijg. En vaak op momenten dat ik het niet kan gebruiken, dan overvalt het me. Door heel bewust stil te staan bij de overgangen in mijn leven, leef ik ze ook bewust. Met veel verdriet, plezier of weemoed.

Wat je hier nu mee moet als manager?

Ik merk terugkijkend op mijn tijd als manager dat ik heel veel overgangen gewoon voorbij heb laten gaan. Eigenlijk heb ik alleen bij de echt grote overgangen stil gestaan zoals diploma, verhuizing, overlijden. Maar als manager kom je veel meer overgangen tegen. Nieuwe regelingen, andere systemen, nieuwe collega's, fusies. Sterker nog ik denk dat je er elke week wel een tegenkomt als je goed oplet.

Moet je dan aan elke overgang aandacht besteden?

Vanuit mijn hart zeg ik ja. Moet je er altijd uitgebreid bij stil staan? Ik denk niet dat dit haalbaar is. Het zou al helpen als jij als manager aandacht besteed aan de overgang. Dat wil zeggen alert bent op veranderingen in je team of bij medewerkers. Hebben zij last van de verandering? Besteed dan bewust aandacht aan de overgang. Dit kan ook prima achteraf. Op welke manier je aandacht besteed hangt van de situatie en jouw team af. Wees creatief en schroom niet om het jouw team te vragen. Zij weten heus wel wat hen helpt om de stap te zetten.